homeVoorpagina whoisWie zijn wij? penZelf schrijven boeiHelp pijlLog in penRegistreer

Veel gehoorde misverstanden over de WMO

WMODe gemeente Druten heeft op haar website een stuk geplaatst: “Veel gehoorde misverstanden over de WMO”. De Vriendschap Community Assadaaka (VCA) heeft het hele stuk met de misverstanden en de vragen daarop hieronder gekopieerd. Goed van de gemeente Druten! Misschien dat velen van jullie met deze informatie enige duidelijkheid krijgen, hoop ik. Hier leest u over de veelgehoorde misverstanden over de WMO.

·      “Als ik veel inkomen of vermogen heb, krijg ik geen maatschappelijke ondersteuning.”
•Gemeenten mogen cliënten geen ondersteuning weigeren. Dus ook niet omdat ze een hoog inko­men of veel vermogen hebben. Gemeenten mogen wel een hogere eigen bijdrage vragen aan cliën­ten met meer inkomen of vermogen. Maar nooit hoger dan de eigen bijdrage volgens het uitvoe­rings­b­esluit Wmo. In het uitvoeringsbesluit staan regels voor de eigen bijdrage. Die regels gelden voor alle ge­meenten. Gemeenten mogen maar op één manier afwijken van de regels in het uitvoe­ringsbesluit: ze mogen een lagere bijdrage vragen, geen hogere. De hoogte van de eigen bijdrage is afhankelijk van het inkomen, het vermogen, de leeftijd en de gezinssamenstelling. Het CAK int de ei­gen bijdrage.

·      “Ik verlies mijn rechtszekerheid en word overgeleverd aan de willekeur van gemeen­ten.”
•De Wmo 2015 biedt wel rechtszekerheid voor cliënten en beschermt hen tegen willekeur van ge­meenten. Als iemand zich meldt met een vraag om hulp, moet de gemeente onderzoek doen naar de persoonlijke situatie van de cliënt. De gemeente (het Sociaal Team) gaat met de cliënt en de even­­tuele mantelzorger in gesprek. Het Sociaal Team zoekt samen met u naar oplossingen voor uw vraag op het gebied van zorg en ondersteuning. Het Sociaal Team neemt altijd uw persoonlijke situ­atie als uitgangspunt en zoekt samen met u naar een voor u passende oplossing. Een gratis cliënt­on­dersteuner kan de cliënt helpen in dit gesprek.
•Blijkt uit dit onderzoek dat de cliënt niet kan meedoen in de samenleving of niet zelfredzaam is? Ook niet met hulp van zijn netwerk of door algemene voorzieningen te gebruiken? Dan moet de gemeen­te een maatwerkvoorziening aanbieden. Algemene voorzieningen zijn er voor alle burgers. Voorbeel­den zijn een koffieochtend in het dorpshuis of het maatschappelijk werk. Een maatwerk­voorziening is een individuele voorziening. Voorbeelden zijn een woningaanpassing of specialistis­che dagbeste­ding. Als de cliënt de maatwerkvoorziening niet passend vindt, kan hij bezwaar aante­ke­nen bij de ge­meente. En daarna eventueel naar de rechter gaan.

·      “Kinderen, vrienden en buren worden verplicht mij te helpen.”

De Wmo 2015 stelt hulp door kinderen, vrienden of buren niet verplicht. Ze zijn dus nooit verplicht om te helpen. Gemeenten mogen wel onderzoeken of het sociale netwerk de cliënt kan helpen. Het Sociaal Team zal dan ook rekening houden met deze hulp als ze een aanbod doet aan de cliënt. In het gesprek met de cliënt moet het Sociaal Team ook vragen of de mantelzorger hulp nodig heeft bij het uitvoeren van zijn taken.

·      “Mijn gespecialiseerde dagbesteding wordt wegbezuinigd en de gemeente zal mij afsche­pen met een algemene voorziening, zoals een activiteit in het buurthuis.’

Gemeenten moeten passende ondersteuning bieden aan mensen als ze niet zelf of met hulp van hun net­werk kunnen meedoen of zelfredzaam kunnen zijn. Voor sommige mensen is een activiteit in het buurthuis passend. Bijvoorbeeld een koffieochtend bezoeken om eenzaamheid te voorkomen. Voor an­der­­e mensen is gespecialiseerde dagbesteding nodig. Bijvoorbeeld om te leren hoe ze structuur aan­bren­gen in hun dag. In dat geval moeten gemeenten gespecialiseerde dagbesteding aanbieden. Uit het onderzoek dat de gemeente doet, blijkt welke ondersteuning passend is voor een cliënt.

·      “Gemeenteambtenaren hebben te weinig kennis van de zorg om te bepalen wat ik nodig heb.”

Gemeenten hoeven het onderzoek naar de persoonlijke situatie van cliënten niet zelf uit te voeren. Ze kun­nen dit uitbesteden aan een andere organisatie. Vaak zijn dit externe organisaties die ervaring heb­ben met zulke onderzoeken. Ook willen veel gemeenten gaan werken met sociale wijkteams. Dan doen professionals uit het sociale wijkteam het onderzoek. Gemeenten kunnen de onderzoeken ook zelf uit­voe­ren. Dan moet de gemeente mensen opleiden of in dienst nemen. Zodat er voldoende kennis is om goed onderzoek te doen.

·      “Ik zal moeten vertrekken uit mijn verzorgingstehuis en weer zelfstandig thuis moeten gaan wonen.”

Mensen die al in een verzorgingshuis wonen, mogen hier blijven. Ze worden niet gedwongen om weer zelfstandig thuis te gaan wonen. Ze houden hun recht op een plaats in een instelling. Mensen moeten misschien wel verhuizen naar een ander verzorgingshuis. Omdat hun eigen verzorgingshuis gaat sluiten. Bijvoorbeeld omdat er te weinig mensen wonen of omdat het gebouw te oud is. Vanaf 2015 worden de voorwaarden voor wonen in een instelling strenger. Die voorwaarden gelden dan voor nieuwe cliënten. Dit is het gevolg van het kabinetsbeleid om mensen langer thuis te laten wonen.

·      “De gemeente mag mijn persoonsgebonden budget (pgb) afpakken.”

Na onderzoek kunnen gemeente een cliënt een maatwerkvoorziening aanbieden. Een maatwerkvoorzie­ning is een individuele voorziening. Voorbeelden zijn een woningaanpassing of specialistische dagbeste­ding. Mensen die een maatwerkvoorziening krijgen, kunnen kiezen voor een persoonsgebonden budget (pgb). Maar alleen als ze voldoen aan bepaalde voorwaarden. De eerste is dat de cliënt het pgb goed moet kunnen beheren. De tweede is dat de cliënt met het pgb veilige en goede ondersteuning moet in­ko­pen. Meer informatie over het pgb vindt u hier

·      “Gemeenten krijgen de beschikking over mijn medische dossier.”

Gemeenten krijgen geen medische dossiers te zien. De gemeente mag bijvoorbeeld alleen weten dat ie­mand een indicatie voor de nieuwe Wet langdurige zorg heeft. De gemeente krijgt niet te zien wat er in het dossier staat. De gemeente mag alleen gegevens bekijken als u daar toestemming voor geeft. En al­leen als het voor uw aanvraag voor hulp belangrijk is. Bovendien hebben alle artsen, ook de huisarts, een medisch beroepsgeheim.

·      ‘‘Behoud ik mijn huidige zorgaanbieders?’‘

·      De gemeente Druten heeft voor het komende jaar een groot aantal bekende en vertrouwde zorgor­ga­n­i­saties gecontracteerd. Dit betekent dat in heel veel gevallen de zorg geleverd blijft worden door de vertrouwde zorgaanbieder.
Voor alle huidige clienten in de Awbz (in 2015 ‘Wmo 2015’of ‘jeugdhulp’) en de jeugdzorg (in 2015 ‘jeugdhulp’) geldt dat de huidige aanbieders contact met u opnemen over welke aanbieder u in 2015 ondersteunt en hoe deze ondersteuning vorm krijgt.

·      Hier vindt u een bestand met een overzicht van de aanbieders die een contract hebben afgesloten met de gemeente Druten. Als u huidige aanbieder er tussen staat, dan zal deze aanbieder ook in 2015 ondersteuning aan u blijven bieden. Staat deze er niet tussen? Neemt u dan contact op met de gemeente. Het kan zijn dat uw huidige aanbieder onder een andere naam is opgenomen. Wij zoe­ken dit dan voor u uit. In een enkel geval kan het zijn dat u van aanbieder verandert; uw huidige aan­bie­der neemt hierover dan contact met u op.

Gepost door ahmed
Cafe • (0) CommentaarPermalink



Naam:

Email:

URL:

Smileys

Onthoud mijn persoonlijke informatie

Mail me bij vervolg-commentaar


Terug naar de hoofdpagina

Zoeken

geavanceerd zoeken